Hier waak ik

Mier beschermt boomzaden tegen aap, eekhoorn en papegaaien

Onderschat niet de invloed die mieren kunnen hebben, schrijven Adrian Barnett en collega’s. Ze constateerden dat de mier Pseudomyrmex viduus de zaden beschermt van de bomen waarin hij nestelt, waardoor zo’n boom veel meer kans op nakomelingen heeft.

Er zijn veel planten die een partnerschap aangaan met mieren. De planten verschaffen de mieren kost of inwoning (of beide), de mieren houden planteneters op een afstand.
Zo’n samenwerkingsverband heeft ook de Zuid-Amerikaanse boom Macrolobium acaciifolium. Oudere takken bevatten holten waarin vaak mieren (Pseudomyrmex viduus) nestelen. De mieren houden schildluizen in hun nesten die plantensappen opzuigen en een suikerrijke vloeistof uitscheiden. Die vloeistof, de zogenoemde honingdauw, dient de mieren tot voedsel. Als tegenprestatie voor de gastvrijheid van de boom houden de mieren takken en bladeren vrij van planteneters; ze beschermen dus het groen van de boom waarin ze leven.

Adrian Barnett en collega’s waren nieuwsgierig hoe ver die bescherming gaat. Zouden de mieren misschien ook de zaden beschermen?
De zaden, verpakt in een peul met harde schil, kunnen alleen kiemen als ze zijn uitgerijpt. Ze vallen dan in het water en blijven drijven. De bomen groeien in delen van het oerwoud die in de regentijd onder water lopen en zetten zaad als het water in de rivieren hoog staat. De zaden worden door het water en vissen verspreid.
Maar er zijn genoeg dieren die de onrijpe zaden graag uit de boom halen en opeten, zoals apen, eekhoorns en papegaaien. De zaden die zij eten zijn voor de boom verloren. Barnett vroeg zich af of deze dieren, die toch flink uit de kluiten gewassen zijn, bomen mijden waarin mieren huizen.

De onderzoekers peddelden in houten kano’s door ondergelopen bos in Brazilië en zochten Macrolobium-bomen op. Ze keken of ze mieren op die bomen aantroffen. Ze volgden een tijdlang van een afstandje hoe vaak de bomen bezoek kregen van foeragerende zwartkopoekari’s (een aap), Peruaanse witnekeekhoorns en zes soorten papegaaien, en hoeveel zaden die dieren aten. Ze visten de zaden die uit de boom gevallen waren op uit het doorgaans stilstaande water en keken hoeveel daarvan waren aangevreten. Aap, eekhoorn en papegaaien laten elk hun eigen karakteristieke vraatpatroon na.

Bomen zonder mieren verloren veel meer zaden aan de zaadeters dan bomen waarin mieren leefden, zo bleek. De mieren beschermen dus ook de zaden tegen de grote dieren die ze graag lusten. Ook al hebben ze daar zelf niet direct belang bij.

De schildluizen die de mieren houden onttrekken sap aan de boom. Ondanks deze aderlating produceert een boom met luizenhoudende mieren evenveel zaden als een boom zonder mieren. Dat komt misschien omdat de mieren met hun uitwerpselen de boom bemesten en zo deels teruggeven wat de schildluizen hebben onttrokken. De aanwezigheid van mieren is dus pure winst voor deze bomen.

Willy van Strien

Foto: Pseudomyrmex viduus. Zach Lieberman from AntWeb (Creative Commons)

Bron:
Barnett, A.A., T. Almeida, R. Andrade, S. Boyle, M. Gonçalves de Lima, A. Maclarnon, C. Ross, W. Sousa Silva, W.R. Spironello & B. Ronchi-Teles, 2014. Ants in their plants: Pseudomyrmex ants reduce primate, parrot and squirrel predation on Macrolobium acaciifolium (Fabaceae) seeds in Amazonian Brazil. Biological Journal of the Linnean Society, 30 dec. online. Doi: 10.1111/bij.12425

Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on LinkedIn
Dit bericht is geplaatst in samenwerking. Bookmark de permalink.