Zoethoudertje

Wilde bijtjes kunnen wel even zonder bloemetjes

Andrena-bij eet honingdauw als er geen bloemen zijn

Als wilde bijen in het voorjaar actief worden in Californië zijn daar nog geen bloemen met nectar, waar ze energie aan kunnen ontlenen. Om te overleven maken ze dan tijdelijk gebruik van zoete honingdauw, ontdekten Joan Meiners en collega’s.

Wat hebben bijen te zoeken bij een struik die niet in bloei staat? Bijen zijn immers onafscheidelijk van bloemen. Daar halen ze suikerrijke nectar en eiwitrijk stuifmeel uit, noodzakelijke stoffen voor zichzelf en hun larven.
Toch trof Joan Meiners in het Pinnacles National Park in Californië veel wilde bijen van verschillende soorten aan bij struiken waar geen bloem aan te vinden was.

Met een serie experimenten kwamen zij en haar collega’s erachter wat die bijen zoeken bij de niet-bloeiende struiken. Het is hen om de honingdauw te doen, het suikerrijke goedje dat schildluizen produceren; de schildluizen zuigen plantensappen op en scheiden uit wat ze daar niet van gebruiken. Er komen alleen bijen op af in het vroege voorjaar, als ze net zijn uitgekomen en er nog nauwelijks bloemen bloeien. Het zijn allemaal solitaire soorten, dat wil zeggen dat ze niet in kolonies leven waar een voorraad nectar aanwezig is. Honingdauw blijkt aan het begin van het seizoen een alternatieve suikerbron te zijn voor deze bijen: een nieuwe bevinding.

De vraag is wel hoe bijen dat alternatieve voedsel vinden. Ze kunnen uitstekend zoeken op kleuren en geuren. Bloemen zijn afhankelijk van bijen voor hun bestuiving, want doordat bijen meerdere bloemen na elkaar bezoeken brengen ze stuifmeel over van de meeldraden van de ene bloem naar de stamper van de volgende, zodat die bloem na bevruchting zaden kan vormen. Omdat bijen onmisbaar zijn, lokken bloemen hen met opvallende geuren, kleuren en vormen.
Toch vinden die de kleurloze, geurloze honingdauw ook.
Gaan ze misschien af op de zwarte schimmel die op de honingdauw woekert? Nee, constateerden de onderzoekers nadat ze een aantal takken zwart geverfd hadden: het is niet de kleur die bijen trekt. Zijn het dan de schildluizen zelf die de bijen op de honingdauw attenderen? Ook dat was het niet, want als die beestjes tijdelijk inactief gemaakt werden met een mild anti-insectenmiddel, bleven de bijen weg. Ze kwamen alleen als de schildluizen honingdauw aan het produceren waren.
Maar uit proeven bleek ook dat ze takjes waarop een suikeroplossing gespoten was wél snel weten te vinden.

De biologen denken dat de bijen voortdurend op zoek zijn naar voedsel. Als één bij honingdauw vindt en daarbij blijft hangen, merken andere bijen dat op en gaan ze er ook op af.

Met de honingdauw als extra energiebron kunnen veel wilde bijen een poosje leven zonder nectar; ze zijn niet helemaal van bloemen afhankelijk. Maar uiteindelijk hebben ze wel bloemen nodig, want de larven groeien niet op een dieet van alleen suikers. Zij moeten veel eiwitten binnen krijgen en die zitten alleen in stuifmeel. Elk vrouwtje moet in het voorjaar stuifmeel voor haar nakomelingen verzamelen.
Als er eenmaal bloemen verschijnen, hebben de bijen geen belangstelling meer voor honingdauw en kiezen ze voor de bloemen. De wederzijdse dienstverlening van bij en bloem – bestuiving in ruil voor voedsel – komt dus niet in gevaar.

Willy van Strien

Foto: © Paul G. Johnson

Bron:
Meiners, J.M, T.L. Griswold, D.J. Harris & S.K.M. Ernest, 2017. Bees without flowers: before peak bloom, diverse native bees find insect-produced honeydew sugars. The American Naturalist, 30 mei online. Doi: 10.1086/692437

Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on LinkedIn
Dit bericht is geplaatst in bestuiving, energie. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *